De seksuele relatie

“Hoe gaat het met de seks binnen jullie relatie”, vraag ik. Het ongemak dat deze vraag genereert is direct voelbaar. Gijs reageert: “Tja wat zal ik er van zeggen… eerlijk gezegd, die is niet bijster goed”. Ik vraag of hij hier wat concreter over kan zijn. “De laatste keer is alweer wat maanden geleden” antwoordt hij. “Hoe lang geleden is de laatste keer” vraag ik door. “Ik denk wel zo’n maand of tien’’ antwoordt Gijs. “Ben jij het met Gijs eens?” vraag ik aan Sofie. Zie ik het goed? In haar nek ontstaan spontaan rode vlekken. Het lijkt alsof ik een delicaat onderwerp ter sprake breng. Sofie neemt een slok van haar koffie voordat ze mij antwoord geeft. “Ik vind het lastig om over onze seksuele relatie te praten, maar ik begrijp wel dat dit aan de orde moet komen tijdens onze relatietherapie”. “Wat maakt het zo lastig voor je?” vraag ik. “Omdat alleen al het woord seks tot gedoe leidt binnen onze relatie. We zijn intussen al zover dat we het onderwerp seks niet eens meer ter sprake brengen”. Ik vraag nog wat specifieker door over hun seksuele relatie omdat ik graag goed wil begrijpen hoe deze er precies uit ziet. Vragen zoals: hoe was deze in het begin van jullie relatie, wanneer kwam de klad erin, wat ging hier mogelijk aan vooraf, hebben jullie het daar samen over en hoe verlopen deze gesprekken, zijn hierbij van essentieel belang.

Praten over seks

Kenmerkend binnen langdurige relaties, waarin de behoefte aan seks afneemt, verandert of zelfs totaal verdwijnt, is dat er aanvankelijk nog wel met elkaar over wordt gesproken. Hoewel beiden serieus van plan zijn ‘het’ binnenkort weer eens te gaan doen is de tragiek echter dat dit, niet zelden, bij intentieverklaringen blijft. Veel meer voor de hand liggend is dat heel geleidelijk het onderwerp seks uit beeld verdwijnt. Naarmate de tijd verstrijkt lijkt het alsof de spreekwoordelijke roze olifant steeds groter wordt en het onderwerp seks wordt vermeden. Er treedt als het ware een ‘no go zone’ op waarbij de gewenning aan een seksloze relatie de nieuwe status quo wordt. Juist in die periode zouden de alarmbellen moeten afgaan. Helaas gebeurt dit meestal niet. Vrouwen hebben nog wel eens de neiging deze ‘status quo’ te bespreken met hun vriendin. “Hoe staat het met jullie seks?” Opgelucht halen ze adem wanneer de seks bij hun vriendin ook op een laag pitje blijkt te staan. Gelukkig, ze zijn dus niet het enige stel waarbij de seks niet meer aan de orde is.

Aantrekkingskracht

Het is allemaal niet zo eenvoudig. Seksuele aantrekkingskracht of misschien moeten we zeggen: de motivatie om in actie op te komen, bestaat bij de gratie van het schijnbare onbereikbare te willen veroveren. Het is daarom niet zo voor de hand liggend om iemand te begeren die je al hebt en die ook nog eens naast je op de bank zit.
Daarbij is het een hardnekkig misverstand dat voor zin in seks het noodzakelijk is dat beiden op precies hetzelfde moment hiervoor in ‘de mood’ dienen te zijn. Dit is helaas een utopie. Als dat werkelijk een absolute voorwaarde voor een geslaagde vrijpartij zou zijn, zou het lang wachten zijn voordat er ‘wat van komt’.

Seksualiteit binnen SCHIP-aanpak

In de SCHIP-aanpak besteden we uitgebreid aandacht aan de seksualiteit binnen de relatie. Zelfs als het goed gaat binnen relaties is het veelal geen sinecure om dit onderwerp bespreekbaar te maken, maar zodra zich hier binnen problemen voordoen blijkt het soms ondoenlijk elkaar te bereiken. Om open over seksualiteit te kunnen praten is het noodzakelijk dat je je veilig voelt binnen de relatie. Niet zelden raakt het thema namelijk aan lastige gevoelens van angst en schaamte. Dat maakt het zo’n kwetsbaar onderwerp.

Praten over seks met de therapeut

Gijs en Sofie knikken instemmend na mijn minicollege over het verloop van seksualiteit binnen langere relaties. Maar daarmee zijn ze nog niet geholpen. Ik geef ze de opdracht de komende week tijd voor elkaar vrij te maken en maar gewoon te beginnen…. Gijs schiet in de lach. “Gewoon beginnen is wel een compleet andere opdracht dan ik had verwacht.” Ik trek mijn wenkbrauwen op. Gijs bekent: “ik heb onlangs via een online hulplijn advies gevraagd voor ons probleem en daar werd mij geadviseerd eerst rustig te starten met elkaar te strelen. In week twee elkaar te masseren zonder gericht te zijn op een orgasme en pas in week drie met vrijen te beginnen”. Nu is het mijn beurt om in de lach te schieten. Ik ken ze natuurlijk ook, deze adviezen. Eerlijk gezegd geloof ik meer in een andere aanpak. Stel, je hebt een tijd niet gefietst. Dat betekent niet dat je het bent verleerd. Zou het helpen als je eerst een week rustig met de fiets aan je hand loopt, in week twee steppend op je pedaal ‘fietst’ om vervolgens pas in week drie daadwerkelijk te gaan fietsen?
Gijs en Sofie schieten nu samen in de lach.
De dikke lucht die in mijn spreekkamer hing trekt ter plekke op. ’’Tja, als je het zo bekijkt klinkt het heel logisch’’ zegt Gijs. De vlekken in de nek van Sofie zijn verdwenen en hebben plaats gemaakt voor blosjes op haar wangen. Over twee weken zal ik ze opnieuw de vraag stellen: “hoe gaat het met de seks?”

 

-Tineke Rodenburg –